Christelijke HBS

Omstreeks 1880 had Rotterdam ongeveer 150.000 inwoners. Er bestond nog geen voortgezet onderwijs. Het stadsbestuur zag in het oprichten daarvan geen rol voor zichzelf weggelegd. Wel bestond sinds de veertiende eeuw de Latijnse school. Deze openbare school bereidde voor op universitair onderwijs en werd bezocht door een zeer klein aantal leerlingen uit de hoogste kringen. Het ontbreken van bijzonder voortgezet onderwijs werd door een steeds grotere groep mensen als een gemis ervaren.

In 1898 maakten de oprichters van de vereniging die de voorloper van het huidige CVO is, propaganda voor een christelijke middelbare school. Aan overtuiging ontbrak het hen niet, aan doorzettingsvermogen evenmin. Drie jaar later ging een klasje van tien jongens in de binnenstad van Rotterdam van start: de eerste christelijke HBS in Nederland was een feit! Onderdak werd gevonden in het catechisatielokaal van de gereformeerde kerk aan de Hovenierstraat, een zijstraat van de Jonker Fransstraat. De groei van de HBS was weinig spectaculair. Na vier jaar waren er net 50 leerlingen ingeschreven en na negen jaar werd de grens van 100 leerlingen gepasseerd. Vanaf 1902 werden er ook meisjes toegelaten, al liep dat niet storm. In 1913 waren er slechts tien meisjes ingeschreven.

Marnix Gymnasium

In 1903 stelde de ledenvergadering voor een gymnasium op te richten. Als naam voor de nieuwe school koos men Marnix. Tegenover het humanistische Erasmianum was er nu ook een gereformeerd gymnasium. De school werd gehuisvest in het pand Jonker Fransstraat 71, naast het bovenhuis waarin de HBS intussen haar intrek had genomen. Beide scholen zaten nu gezamenlijk boven een sterk geurende onderbouw: onder de HBS bevond zich namelijk de slagerswinkel Joh. Dirkzwager en onder het gymnasium was een vishandel gevestigd, die korte tijd later werd vervangen door een bloemenwinkel (waardoor de toekomst er langzaam wat rooskleuriger uit ging zien).

Docentprofiel: Opgewektheid en ijver

In 1905 werd voor de leraren een instructie opgesteld welke onder meer de volgende formulering bevatte (artikel 3): 

De leeraar heeft zich te beijveren om steeds op de eischen van opvoeding en onderwijs te letten, in overeenstemming met de beginselen der Vereeniging (…). Stipt de tucht handhavende heeft hij te trachten door zijne opgewektheid en ijver de belangstelling en weetgierigheid der leerlingen te wekken en hen zoo te leiden dat hun karakter overeenkomstig hun aanleg zich kan ontwikkelen in Christelijken geest.
School aan het Henegouwerplein

In 1927 werd het door architect Anema ontworpen schoolgebouw aan het Henegouwerplein geopend. Hierin werden zowel de HBS als het Marnix Gymnasium ondergebracht. De bouwkosten bedroegen 350.000 gulden. De toenmalige verenigingsvoorzitter Hekman noemde het schoolgebouw bij de opening van het gebouw ‘een sieraad’ voor de stad. Latere beschouwers legden iets andere accenten: ‘Door de strenge hiërarchische ordening van de blokvormige en torenachtige bouwdelen maakt het gebouw een ongenaakbaar strenge indruk.’ Sinds april 2011 is het verenigingsbureau van CVO op deze locatie gehuisvest. Het gebouw is van binnen waar mogelijk in oude luister hersteld. Sinds 2014 is ook het bestuursbureau van LMC in dit pand gehuisvest.

Calvijn

De bevolking van de linker Maasoever, die rond 1900 sterk was toegenomen, was voor christelijk voortgezet onderwijs aangewezen op de scholen aan de rechter Maasoever. Op 5 september 1929 werd de Christelijke HBS Linker- Maasoever door voorzitter Hekman geopend. De vertegenwoordiger van de gemeente, dr. Bitter, zei dat hij onder de indruk was, maar ook dat ‘de bevolking van den Linker maasoever anders is dan die van den overkant. De kinderen zijn hier minder wijs, aan den Rechter-oever zien ze meer verkeerde dingen. De geesten zijn hier.. meer naïef en dat is een voordeel.’ De aanwezige ds. Westenburg liet dit als linker-Maasoeverbewoner natuurlijk niet over zijn kant gaan: ‘Ik ben blij met de naïviteit, omdat het leven er het meest zuiver in klopt.

In 1949 besloot het bestuur de Christelijke HBS Linker-Maasoever om te zetten in een lyceum met een eenjarige onderbouw en werd de naam van de school omgedoopt in Johannes Calvijn. De school behield deze naam tot 2004: in dat jaar fuseerden de CVO-scholen Johannes Calvijn en Maarten Luther tot de Christelijke scholengemeenschap Calvijn met vestigingen in Barendrecht en Rotterdam. In de jaren daarvoor was Johannes Calvijn door fusies met achtereenvolgens de Christelijke Zuidermavo (1993), het Carnisse College, Barendrechtse school voor mavo en vbo (1995), de Julianamavo (2000) en De Meerpaal, school voor speciaal voortgezet onderwijs (2002), uitgegroeid tot een van de grotere scholengemeenschappen van CVO met een breed onderwijsaanbod (vmbo tot en met vwo). De fusie met Maarten Luther maakte het mogelijk om ook in Barendrecht, waar intussen al twee (Calvijn)vestigingen stonden, onderwijs op het niveau van havo- en vwo te verzorgen. Het resultaat van die laatste fusie is de huidige scholengemeenschap Calvijn die al een aantal jaren plaats biedt aan zo’n 4500 leerlingen.

MMS

In 1949 werd de MMS opgericht, met een ‘op den aard der vrouw ingesteld programma’. Zo zouden meisjes bij hun trouwen ‘die goede algemeene ontwikkeling hebben die men van een beschaafde vrouw verwachten mag’. Sommigen waren bang dat de MMS een te grote ontwikkeling zou geven aan meisjes, die mogelijk met een minder ontwikkelde man zouden trouwen. De voorzitter stelde hen gerust: ‘Het samenbindend element in het huwelijk was niet in de eerste plaats het intellect.’ De MMS werd een succes. Omdat mede hierdoor de huisvesting aan het Henegouwerplein niet langer toereikend was (in 1956 telde de school meer dan 1100 leerlingen), nam de MMS in 1957 het pand aan de Essenburgsingel in gebruik. Sinds 1977 is het Marnix Gymnasium hier gevestigd.

Vanaf de jaren ’50 van de vorige eeuw groeide de vereniging gestaag verder met onder meer uitbreiding in Spijkenisse, Capelle aan den IJssel en Hoogvliet. Daarnaast werden diverse ulo’s (waaronder de Zuidermavo) ingelijfd bij CSG Johannes Calvijn.

Melanchthon

Midden jaren ’60 ontstond het Christelijke Lyceum Melanchthon uit de HBS die in 1958 in Rotterdam-Noord was opgericht. In het bestuur rezen destijds bezwaren tegen de naam Melanchthon. Twee scholen met Lutherse namen binnen onze vereniging was volgens sommigen teveel van het goede, maar men vond niet zo gauw een beter alternatief. De naam bleef dus gehandhaafd. Door het ministerie van Onderwijs werden scholen vanaf het begin van de jaren negentig gestimuleerd grotere bestuurlijke eenheden te vormen. In 1994 ontstond hierdoor de brede scholengemeenschap Melanchthon, waarvan De Kring, de Julianamavo en Prinses Irene deel gingen uitmaken. In 2006 fuseerde Melanchthon met Christelijke College Henegouwen. De ontwikkeling binnen Lansingerland zorgde voor een aanzienlijke groei van het aantal leerlingen. In het afgelopen decennium zijn bijna alle schoolgebouwen van Melanchthon vervangen of grotendeels gerenoveerd. Een unicum in Nederland!

Comenius

De voorloper van Comenius begon op 1 september 1965 als dependance van het Henegouwerplein. In 1971 kwam toestemming om in Capelle aan den IJssel een zelfstandige scholengemeenschap op te richten. De nieuwe scholengemeenschap kreeg de naam Comenius. De school groeide binnen 5 jaar uit tot 1200 leerlingen. Ook in het RoCa-gebied (Rotterdam Noord-Oost/Capelle) ontkwam men niet aan de fusiegolf. In 1994 gingen Comenius, Het Lage Land, de Da Costa-mavo, de Schakel, de Brug, de Prins Willem van Oranje-mavo en de Koningin Wilhelmina-mavo op in het nieuwe Comenius College.

Farel

De totstandkoming van de Guillaume Farelschool had nogal wat voeten in de aarde. In 1962 waren de eerste plannen gereed, maar het duurde uiteindelijk vijftien jaar voor de school er daadwerkelijk stond. In 1994 fuseerde Guillaume Farel met Lhno De Wegwijzer. De nieuwe combinatie gaat sindsdien door het leven als Farelcollege. De toenmalige rector De Visser sprak de hoop uit dat het meisjesimago van de Lhno doorbroken zou worden. De scholengemeenschap, die in een aantal verspreide gebouwen was gehuisvest, werd zoveel mogelijk geconcentreerd in het gebouw aan de Kastanjelaan. Inmiddels is het Farelcollege uitgegroeid tot een schoolcampus bestaande uit 3 afzonderlijke scholen welke leerlingen uit de brede omtrek aan zich weet te binden.

PENTA

Per augustus 1994 is de brede scholengemeenschap PENTA ontstaan uit de scholen Blaise Pascal (gestart als dependance van Maarten Luther), Angelus Merula (op haar beurt weer gestart als dependance van Blaise Pascal), Jacob van Liesveldt (ooit opgericht als dependance van Angelus Merula) en Bahûrim, Godfried Richter, de Oude Maas en Holwinde/Regenboog-mavo (huidige Penta Hoogvliet). Het woord PENTA komt uit het Grieks en betekent vijf. Er is gekozen voor de naam PENTA, omdat de school oorspronkelijk in de volgende plaatsen gevestigd was: Spijkenisse, Brielle, Hellevoetsluis, Rotterdam-Hoogvliet en Rotterdam-Rozenburg.

Accent

De geschiedenis van de voorlopers van het huidige Accent gaat terug tot 1 april 1905. Toen startte onderwijzer Johan de Graaff in een woonhuis op de Noordsingel namelijk een schooltje ‘voor achterlijke, zenuwachtige en spraakgebrekkige kinderen’. Het schooltje werd in stand gehouden door schoolgeld, collectes en een bijdrage van de gemeente. In de vijftiger jaren ontstond hieruit de BLO-school, het buitengewoon lager onderwijs. In de volgende decennia veranderde de visie op speciaal onderwijs geregeld, waardoor ook de school zelf veranderde. De LOM-school kwam en ging, evenals de MLK-school. Het huidige Accent is in 2001 ontstaan uit diverse scholen voor speciaal onderwijs (zoals De Vijverpoort, Praktijkschool Rotterdam-West en De Brug in Capelle). De naam Accent verwijst naar het extra accent dat zowel de kinderen als de docenten krijgen. Ook CVO zelf is verrijkt door de expertise die deze scholen aan het CVO-bestuur hebben toegevoegd. Zo wordt de specialistische kennis van de medewerkers uit het speciaal onderwijs tegenwoordig breed benut en verder ontwikkeld in het expertisecentrum van CVO. In 2018 wordt een nieuw hoofdstuk aan Accent toegevoegd middels de integratie van twee VSO-scholen.

Bij de samenstelling van bovenstaande tekst is dankbaar gebruik gemaakt van de informatie uit het boek dat ter ere van het honderdjarig bestaan van CVO in 1998 is uitgegeven: Van Haaren, drs H.J: Een zeer gewichtig belang. Honderd jaar Vereniging voor Christelijk Voortgezet Onderwijs te Rotterdam en omgeving. Rotterdam, september 1998. Tekstbewerking: Arjen Toet